|
Mijn vader heeft zijn hele werkzame leven tussen de tomaten gestaan. Eerst bij zijn eigen vader, later in een groter bedrijf aan de rand van Naaldwijk, waar hij elke ochtend voor zessen het licht in de kassen zag aanspringen. Toen hij stopte, zei hij dat hij nooit meer een kas van binnen wilde zien. Dat hield hij precies anderhalf jaar vol. Drie bij vier meter Westlands glasAfgelopen voorjaar stond er ineens een hobbykas in zijn achtertuin in Pijletuinen. Drie bij vier meter, aluminium, met een schuifdeur die hij twee keer opnieuw heeft afgesteld omdat hij niet soepel genoeg liep. Er groeien paprika’s, een rij chilipepers, een bak met sla die hij aan iedereen in de straat probeert te slijten en, uit nostalgie, een druivenstok tegen de achterwand. Het Westland is ooit begonnen met druiven onder glas, zegt hij, dus die hoort erbij. In de zomer had hij aan zichzelf genoeg. In september begon het gemopper. De dagen werden korter, de nachten frisser, en hij wilde de pepers langer door laten groeien. Daar was stroom voor nodig: een kleine kachel met thermostaat tegen de nachtvorst, kweeklampen boven de tafels voor de donkere middagen, en een pompje dat het regenwater uit de ton naar de druppelslangen pompt. Het eerste wat hij deed, was een verlengkabel vanuit de bijkeuken door het tuinraam leggen. Wat een oude tuinder zelf ook wel weetIk zag die kabel liggen, half in het gras, met een stekkerdoos op een omgekeerde emmer in de kas waar het ’s ochtends drupte van de condens. Mijn vader zag het ook, eerlijk is eerlijk. Op het bedrijf waar hij werkte, mocht niemand zelf aan de installatie zitten, en hij wist precies waarom: warmte, water en stroom in één ruimte is een combinatie waar je niet mee gaat improviseren. Hij had alleen geen zin in gedoe voor zo’n kleine kas. Uiteindelijk heb ik op een zaterdagochtend zelf een elektricien Naaldwijk opgezocht en hem laten langskomen terwijl mijn vader koffie zette. Binnen tien minuten stonden ze samen in de kas over lichtcycli te praten. De elektricien wilde vooral weten wat er tegelijk aan zou staan, want een kachel en een paar kweeklampen op een koude avond is samen meer dan je denkt. Hij legde uit dat de kas het beste een eigen voeding vanuit de meterkast kon krijgen, met een eigen aardlekbeveiliging, zodat een probleem in de kas niet meteen het hele huis platlegt. Spatwaterdicht, op hoogte en met een tijdklokIn de kas zelf hangt nu een klein verdeelkastje aan de achterwand, ruim boven de tafels, zodat er geen gietwater bij kan komen. De stopcontacten zijn spatwaterdicht en zitten ook op hoogte. De kweeklampen hangen aan een tijdschakelaar, waardoor ze ’s middags aangaan als het buiten begint te schemeren en uit als mijn vader allang voor de televisie zit. De kachel heeft zijn eigen stopcontact, apart van het pompje, dat nu netjes in een afgesloten kastje naast de regenton staat. Wat mij opviel, is dat de elektricien Naaldwijk precies dezelfde woorden gebruikte als mijn vader vroeger aan de keukentafel, als hij vertelde over het bedrijf. Droog houden, niet overbelasten, op tijd laten nakijken. Alleen dan voor een kas die je in een middag rond loopt. Het is half oktober en de pepers kleuren rood. Gisteravond stond ik in het donker achter het keukenraam en zag ik het roze licht van de lampen door het glas schijnen. Een heel klein stukje Westland, midden in een rijtjestuin. Mijn vader stond erin met een gieter, en hij had er zichtbaar plezier in. |
Een kas in de achtertuin, als je opgroeit tussen het glas van Naaldwijk
- Gepubliceerd door Bartomaud
Inhoudsopgave
